‘Menselijk contact is onze kracht,’ zegt ze in alle ernst in een interview. ‘Opportunisme is mijn tweede natuur’ was toepasselijker geweest.
Op weg naar mijn yogales kruisten onze entiteiten elkaar op perron 18 van Utrecht CS.
Ik keek recht in haar ogen, maar net als sommige dieren die zich bij gevaar dood voordoen, keek zij strak voor zich uit, als een wandelend lijk. Wel merkte ik op dat wat haar omgeving waarschijnlijk als onderdeel van haar jovialiteit beschouwde, namelijk het regelmatig tot een glimlach trekken van haar gezichtsspieren, feitelijk een zenuwtrek was. Vreemde aanblik, zo’n spastische glimlach in een verder doodserieus gezicht.
Wanneer iemands innerlijk en uiterlijk volstrekt niet concorderen, vindt op moleculair niveau een langzame doch gestage zelfdestructie plaats…

Een vakkenvuller die er blijk van geeft zijn chef qua vocabulair vermogen te overtreffen, ondermijnt uiteindelijk zijn eigen positie. Zelfdestructie noemen we dit.
@Ewald. Op het gebied van carrière is dat zeker zelfdestructief te noemen. Maar ik heb tenminste geen stront aan mijn tong van het ‘omhooglikken’ en een ervaren vakkenvuller is bovendien overal een graag geziene verschijning, met name in poëtische kringen, want de dichter in hart en ziel heeft oog voor de poëzie van lange gangen in de supermarkt, met perfect gerangschikte producten die het winkelende publiek in een krachtige staat van bewustzijn kunnen brengen, met een universele waarde die al het andere doet verbleken.
Cesar, ik kom net uit de supermarkt. Niks geen perfect gerangschikte producten, integendeel, het was een rotzooitje. Je bent dus inmiddels ontslagen, zo heb ik begrepen.
@Ewald. Ik kan natuurlijk niet instaan voor allerlei foute supermarkten die jij bezoekt. Als de vakkenvullers daar net als ik in het bezit zouden zijn van het Praktijkdiploma vakkenvuller, was het daar niet zo’n chaos.
Te uwer informatie: ik kan niet ontslagen worden, aangezien ik als emeritus vakkenvuller slechts als adviseur opereer in tijden van nood. Toegegeven: een hele enkele keer wordt het verlangen naar de schappen me te groot en dan werk ik een paar dagen als oproepkracht. Puur voor de mentale hygiëne.
Cesar, ik bezoek afwisselend Dirk van den Broek, een kleine Albert Heijn en een mega-grote Albert Heijn. Kassajuffrouwen zijn doorgaans gek op mij, bedrijfsleiders zien mijn verschijnen met angst en beven tegemoet en vakkenvullers kunnen op mijn sympathie en solidariteit rekenen.
Een serie van minimaal vijf delen over mijn supermarktervaringen kun je tegemoet zien.
@Ewald. Dat waardeer ik, een supermarktervaringenserie! Ik begrijp niet dat ik dat zelf niet had bedacht; mogelijk verblind door een combinatie van de laagstaande oktoberzon en een hoge stikstofoxidenconcentratie, waardoor de hersenen niet optimaal van schone zuurstof worden voorzien. Al heb ik wel een keer een los supermarktverhaal geplaatst op 120w:
https://120w.nl/2019/walhalla-voor-consumenten/
Leuk stukje, Cesar. Met terugwerkende kracht een welverdiend hartje aan gegeven.
Laat je vooral niet weerhouden eveneens een supermarktserie neer te zetten. Wie weet ontketenen we een rage. Weer eens iets anders dan een themawoord. Mijn serie start in de eerste week van januari 2020.
@Ewald. Ik schrijf vooralsnog geen series. Dat wil zeggen: sommige onderwerpen komen zo nu en dan terug, maar ik laat aan de lezer over om te bepalen of ze bij een serie horen of niet.
Ik wacht gewoon lekker vanuit mijn luie stoel jouw supermarktserie af, al sluit ik niet geheel uit dat ik nog wel een keer een losstaand supermarktverhaal plaats, want de supermarkt is in zekere zin de moderne opvolger van de kerk. Ik geniet in ieder geval iedere keer weer van de sacrale sfeer in zo’n ‘Walhalla voor consumenten’ en als je er oog voor hebt, zie je ook wel dingen die een verhaal waard zijn, al dan niet opgeluisterd door de eigen interpretaties.
Het was slechts een vrijblijvend voorstel, Cesar. Kijk vooral uit met je luie stoel; zitten schijnt levensgevaarlijk te zijn, volgens professor Scherder.
Volgens Rietveld daarentegen is zitten een werkwoord. Daar sluit ik mij graag bij aan.
@Ewald. Daar heeft professor Scherder wel een punt. Op stations neem ik dan ook meestal de trap; een paar keer per week ga ik in de omgeving op de fiets foto’s maken en onder andere de 120w stukjes schrijf ik niet meer vanuit een bureaustoel, maar vanaf een loopband die ik voor mijn bureau heb geïnstalleerd. Zeer aan te bevelen als je goed ‘lopende’ zinnen wilt. Wanneer je dus een keer een spelfout tegenkomt, dan kan de oorzaak zijn dat de loopband te snel staat ingesteld…
Lezen en muziek luisteren doe ik trouwens nog wel vanuit mijn luie stoel. Moet kunnen.
Beste Cesar, wat lezen en muziek luisteren betreft ben ik het zeker met je eens.