Ik sta bij de toonbank van een klein Turks winkeltje en verlekker me aan de baklavla. Bengür kijkt me wat vreemd aan als ik bestel. Hij is de eigenaar van dit prachtige winkeltje waar het exotisch ruikt naar vakantie en avontuur. Hij woont en werkt al veertig jaar in Nederland en spreekt bijna perfect Nederlands.
‘Het is baklava en niet baklavla.’
Ik moet lachen.
‘Nee hoor, baklava heb ik niet nodig Bengür, ik gebruik altijd bakboter. Met baklava kun je echt niet bakken vriend.’
Heel even hoort Bengür het in Köln donderen. Houd ik hem voor de gek, hoor ik hem denken. Hij is er nog pas geweest.
‘En doe er ook maar een bakje Baklavlaflip bij.’
‘Baklavaflip bedoelt u?’

Leuk Mien. Ook een prachtige titel.