Verhaaltjes, trioletten en overpeinzingen.
Ik lees het als ik het stof van de harde kaft heb geveegd.
Trioletten verbaast mij, want zover ik me kan herinneren heb ik nooit van poëzie gehouden. Het ochtendgloren en de goudgele hemel vond en vind ik te theatraal.
Toch schrijf ik soms een gedichtje; dan zie ik iets en schrijf het op. Maar dat moet dan vanzelf gaan. Af en toe zelfs op rijm. Maar rijm laat ik me niet opleggen. Volgens geen enkel schema. Zeg me niet hoe ik iets moet doen, want dan doe ik het niet.
Ik lees over mijzelf. Glimlach. Toch ook wel schaamte. Herkenning en besef van verandering in de tijd. Maar nog steeds dezelfde met hetzelfde ongerijmde metrum.


Tsja.
En zo heeft ieder zijn voorkeuren. Mooi, want dat zorgt voor verscheidenheid.
Zelf lees ik bijzonder graag poëzie en proza. Vaak voor het slapen gaan of bij het wakker worden. Of een songtekst.
@Levja. Ik ook hoor! Maar dan moet het wel goed zijn: tekst die me raakt. En natuurlijk, goede songteksten, daar ben ik gek op. Misschien ben ik wel te veeleisend. Zeker naar mezelf toe.
@Levja. Waarschijnlijk interpreteert u het begrip proza onjuist. Proza is álle geschreven taal, geschreven in gewone spreektaal, zonder rijm of rekeninghoudend met de bladspiegel. Dus romans, korte verhalen, columns, krantenartikelen, reclamefolders, de jaarlijkse troonrede et cetera. Alles is proza.
Waar wel sprake is van rijm en waar wel de bladspiegel bepalend is, wordt poëzie genoemd. Wie dus zegt (voor het slapen gaan) graag proza en poëzie te lezen, heeft bij proza kennelijk een verkeerde voorstelling. Een fout die overigens veel wordt gemaakt. Of vergis ik mij en leest u voor het slapen gaan graag een stapel reclamefolders of de integrale troonrede?
Dame Adam: Ik verslind reclamefolders en de troonrede ken ik nu uit mijn hoofd.
@Levja 🙂 🙂 🙂
Herkenbaar Han. Voor een keertje vind ik zo’n rijmschema best leuk, en ik heb grote bewondering voor wie zo’n schema kan volgen zonder dat het krampachtig overkomt, maar ik ben ook meer voor vrijheid bij het schrijven.
@Hekate. Die bewondering heb ik ook hoor. Maar ten slotte gaat het om de inhoud, op rijm of niet.
We zijn natuurlijk sinds de Vijftigers gevoed met het idee dat inhoud boven vorm gaat, maar een vormvast gedicht waarin de vorm niet schuurt en de inhoud veelzeggend is, heeft voor mij nu meer waarde dan toen ik jonger was. Ik denk aan Achterberg of Ida Gerhardt.
@José. Als het inhoudelijk maar mooi, goed of humoristisch is. Of een mengeling hiervan.