Het huis is bijna leeg. Enkel nog de zolder wacht op me, gehuld in stof, spinnenwebben en het halfduister. Een oude zetel, een stapel dakpannen (je weet maar nooit!), dozen vol met lakenstof, vergane droogbloemen. In een hoek staat een stapel dozen die me intrigeert: zou het kunnen dat mijn schriftjes vol gedichten tòch niet weggesmeten zijn?
Mijn hoop is ijdel. Ik vind wel een beduimeld exemplaar van een schoolboek uit het vijfde middelbaar: ‘Amores’ van Publius Ovidius Naso, gekend als een van de vijf Latijnse dichters die de bijnaam ‘elegiacus’ kregen. Erotische gedichten zowaar, en dat op een streng katholiek internaat! Ik moet glimlachen: dit was mijn leerkracht ten voeten uit, een beetje rebels maar altijd oog voor schoonheid.


Heel beeldend. Ik voel de stof en krijg de kriebels bij de erotische gedichten.
Publius? Moet het niet Pubus zijn? Qua erotica? Vijf, een getal dat wonderen doet. Altijd.
@Benny, ik herken je zolder, zo zag die bij mijn ouders er ook uit. Stof om heel veel stukjes over te schrijven!
Benny geweldig Ovidius motiveerde mij ook deze keer, mooi dat jij hier op deze wijze zo mee komt. Eén van de vijf idd! Hartje voor Ovidius en jou Benny!