‘Zet die bril gauw op; hij komt nu uit zijn mandje! Zie je dat?’
‘Ja, ik zie het.’
‘Hij heeft een prima stamboom: zijn vader is Cybernaut en zijn moeder Viralvanessa. Beide gecheckt op virussen.’
‘En je vorige hond?’
‘Die rust ergens in de cloud; daar praat ik liever niet over…
Kijk! Hij vraagt om een bot. Hij weet gewoon dat het dierendag is. Lief hè?’
‘Maar je kunt hem niet aaien, je ruikt hem niet…’
‘Nee, natuurlijk niet. Doe niet zo raar!’
‘Ik ga ervandoor, mijn hond uitlaten.’
‘Jij liever dan ik, met dit hondenweer. Ik ga mijn opblaaspop ophalen bij de poppendokter. Niets ernstigs, een lekje in een lasnaad. Maar ik vertrouw die dokter niet. Wat een weirdo!’


De jeugd van tegenwoordig …
@Levja. Niet alleen de jeugd.
Han: de bijna echte werkelijkheid, daar leven we in en mee.
@Berdien. Ja, het wordt steeds gekker. Dank je voor je reactie.
@Han. Mooi gevonden. Zeker die virusvrije Viralanessa. Leuk!
@Arjan. Hartelijk dank!
Lekker veilig, een virtuele hond en een opblaaspop. Alleen jammer dat je dan toch weer mensen nodig hebt om de pop te helen.
@Stella. Ja, je kunt niet alles hebben. Dank je!
dan toch maar liever een levende hond.
@José. Zo is dat!
@José. Ik zag net dat het mijn 400ste is.
Mooie mijlpaal!
Ja, best leuk.
@Han, 48000 woorden, goed voor een roman!
@José. Haha! Wel met een goede afloop.