‘Reuzen! Ik ken ze. Zouden ze ons op het spoor zijn?’ zegt een van de vluchtelingen.
Ilonka springt op om door het raam te kijken. De reuzen lopen langzaam en een kijkt telkens naar iets in zijn hand. ‘Barre, kom!’
Samen met haar broertje en de twee vluchtelingen kijkt ze toe.
Barre stoot haar lachend aan. ‘Zie je waar ze heen gaan?’
Ilonka giechelt. ‘Ja!’
De reuzen blijven even staan, dan gaan ze op hun knieën zitten. Een pakt een schepje en begint te graven.
‘Oh, oh!’ zegt Ilonka.
Een paar wespen verschijnen, dan meer. De reuzen rennen weg.
Ilonka en Barre lachen. ‘Daar hadden we jullie enkelbanden in gegooid,’ zegt Barre.
De vluchtelingen halen opgelucht adem. ‘Wat slim, zeg!’


Ik ben weer terug! Even op vakantie geweest.
Fijn je weer te lezen @Marlies. Hopelijk was je vakantie geen wespennest, maar wel net zo goed als je stukje.
Ha, Marlies, je bent er weer helemaal!
@Levja, ik had een heerlijke vakantie. Koud, maar mooi weer.
Ja, @Ewald, ik ben er weer helemaal! 🙂
Ah fijn, weer een vervolg.
Het blijft spannend, Marlies.
<3
Dank je, Nel.
Geheel in stijl weer terug inderdaad. Leuk Marlies!