Een dochter van twee rovers moest zichzelf weer vermaken
terwijl haar ouders in die nacht de kisten openbraken
ze vond er op de zolder van die afgelegen stede
een boek met leren omslag met een titel: “Weltevrede”.
Het boek was erg schoon tussen stof en al die webben
de prenten waren mooi maar ze wilde het niet hebben
dit boek was van een ander dus die zou er naar gaan zoeken
dan zocht het zonder resultaat tussen alle boeken.
De dochter van de rovers was die nacht ineens verdwenen
haar ouders zochten overal, ze is niet meer verschenen
je vindt er op de zolder tussen boeken in een rijtje,
een boek met leren omslag en de prenten van een meidje.


Groet,
Ewald
De reactie wil niet doorkomen. Nog een keer proberen.
Open braken moet openbraken zijn. Weltevrede (zonder n) bestaat ook en zou mooier zijn geweest. <3 voor een leuk gedicht.
Groet, Ewald
Mooi sprookje in dichtvorm!
Broeder Hagedoorn,
Dank u voor het aangeven van de juiste vervoeging van openbreken.
Als ik het woord “Weltevreden” zie vind ik het mooi dat de n het afsluit qua vorm, alleen klinkt het minder mooi.
Zuster Moekestorm,
Bedankt voor de reactie. Zelf noem ik het sprookjes in versvorm. Dichten heeft vaak nog diepere lagen en er moet wat te raden zijn.
Beste VmetdeVork,
Wat ‘Weltevrede’ of ‘Weltevreden’ betreft, dit blijft uw eigen keuze natuurlijk, waarvoor mijn respect.
Voor de volledigheid, de naam is Hagedorn en geen Hagedoorn, maar dit terzijde (alleen ‘Ewald’ is ook prima).
Vriendelijke groet,
Ewald Hagedorn
Broeder Vork, als ik uw naam niet bij het gedicht had gezien, kon ik raden dat het stukje van u was. Zeer fantasierijk.
Hartje
Leuk gedicht/verhaaltje.
Waarnaar verwijs je met “het” op de laatste regel van strofe 2?
Broeder Hekate,
Het woordje “het” verwijst naar de persoon van wie het boek is.
Als je als meisje in een vreemde boerderij komt en je vindt een boek van een ander, dan weet je immers niet of het een hij of een zij is. Daarom ben ik van “het” uitgegaan.
Als schrijver weet je natuurlijk precies waarnaar je ‘het’ wilt laten verwijzen. Als lezer zie je dat zoals het er nu staat pas na een paar keer lezen, omdat ‘het’ meteen volgt op ‘de prenten’. Ik begrijp de vraag van Hekate dan ook helemaal.
Fraai
Broeder van den Munckhof,
Bedankt voor de tip. Als ik het weer lees dan leg ik nog steeds het verband tussen “de ander” in de derde regel van de tweede strofe, en “het”.
Zo horen “de prenten” bij “het boek”.
Dat is inderdaad de hele kunst. Ik heb het beeld al. Ik moet het alleen heel goed communiceren naar de lezer.
Bedankt!