Met een brede glimlach word ik huilend wakker. De tranen stromen over mijn wangen. Ik vind het helemaal niet erg. Ik proef het zoet en zout van onvervulde droom. Hoe vaak zal ze nog verschijnen? Een wiskundige berekening volstaat niet. Moeder in kwadraat. Ik was negen toen ze van mijn netvlies verdween. Met het laatste beeld voor ogen boetseer ik haar dikwijls in mijn slaap. Een slaap die ooit slapeloos was en nooit leek te komen. Bonkend met het hoofd in mijn kussen, van angst, van boosheid, onmacht en verdriet. Het beeldhouden houdt nooit op. Duizenden replica’s trekken aan mij voorbij. Om ze iedere ochtend opnieuw te verliezen. Breekbaar droevig verschijnt ze voor me. Alle dagen van de week, mams.

Mien, is het beeld in je hoofd al die jaren onveranderd gebleven? <3
Woorden ontbreken me
Wat prachtig, ontroerend. Ik vind dat je de zin ‘ik vind het helemaal niet erg’ gerust kan schrappen. Dat spreekt verder uit je verhaal. Juist met minder zeg je meer en dat heb je juist heel goed ingevuld. <3
Goede tip Irma. Thanx!
Mien, mooi en ontroerend!
Mien, een verhaal dat raakt. Prachtig!