En daar stond ik dan. Voor me een grote leegte. Waar waren de weg, de huizen, de wolken? Er was helemaal niets. Toch liepen en fietsten er mensen de leegte in en doemden er mensen vanuit op.
Ik sprak één van die mensen aan. “Pardon meneer, ik zoek een supermarkt.”
De man wees de leegte in. “Derde afslag links, dan zie je het vanzelf.”
“Derde afslag links?” vroeg ik.
“Ja,” antwoordde hij, “waar die rode auto nu uit komt rijden.”
Ik zag nog steeds helemaal niets, en ik durfde me ook niet in de leegte te begeven. Stel dat ik er ook niets zou voelen. Ik zou mijn boodschappen wel in de buurtsuper doen. Morgen zou het wel over zijn.

Dat is niet niets!
Naast niets is altijd iets. Volgens mij dan.
@hadeke, @Levja, dank jullie wel.
Inspiratie kwam uit “The Matrix”.
Stel dat je leven eigenlijk een computerprogramma is, maar dat er ergens een softwarefout zit waardoor een deel van je wereld niet meer bestaat. Hoe zou dat zijn?
Filosofisch fantasystukje. Graag gelezen.