Vanwege mijn aanvankelijke aarzeling om naar de behangzaak te gaan, had men mij geschreven dat ik van harte welkom zou zijn. De mij toegestuurde tekening van het stratenplan was duidelijk. Ik wist waar ik moest zijn. Bij de mensen thuis. Verdere bedenkingen zouden geen zin hebben. Ik zou de nieuwe man zijn, die hoog aan de wind, over de rode loper aan zou komen schrijden. Als een zoete mond werd de deur van de behangzaak door Thomas geopend. Plotseling klonk er luide fanfaremuziek. Ik bleek de parade te openen en betrad op spitzen het middelste van de publieke werken. Toen ik naar binnen danste steeg er een luid applaus op. Ik voelde mij een vriend van verdienste van gewassen vlees.


Absoluut mijn hartje waard.
Een mooi eerbetoon. <3