De bijnaam van Margaretha was heks, ze wist het wel maar stoorde zich er niet aan, het werd een dekmantel om nogal duistere kruidenpraktijken uit te oefenen, zoals ze ook gedaan had met Gert haar man met wie ze voor haar gevoel al eeuwen was getrouwd maar die haar niet haar eigenwaarde liet, hij wist altijd alles veel beter, maar enige bewustzijn van kruiden had hij, voor Margaretha, gelukkig niet zodat zij op de bovenkamer haar kruidenmengseltje kon bereiden die de insulinewerking die hij voor zijn suikerziekte gebruikte compleet onderdrukte en hij dood in zijn bed werd gevonden, de huisarts en niemand anders had enige argwaan bij dit plotselinge overlijden, maar Margaretha was eindelijk bevrijd van haar jarenlange onderdrukkende juk.

Ha, ha, het is inderdaad één zin.
een hartje voor zoveel witch-craft, Jacqueline
Jacqueline, alle punten vervangen door komma’s maakt het nog niet 1 zin. Het zou een stuk lekkerder lezen als de interpunctie in orde was. Want verder is het een leuke plot!