Waar is de woordenhusselaar?
Waar is de toverknol met gif in haar inkt en de letterknetter die gekscherend gekke stukjes maakt?
Waar zijn de immer wenende tranenbalken die hun liefde tot in eeuwigheidslijden beklagen over de woeste kilte van het verdriet heen?
Weggevaagd? Opgevreten of uitgeblust?
Magische klinkerlikkers die zoetsappige zinnen weer krom van het tergen laten lopen over vurige kolen.
De martelaren van de letterstroom.
Ik zie ze niet, ik hoor ze niet en ik voel ze helemaal niet.
Akelige agnostische broodschrijvers, zwijgt!
Spits uw tippexoren en hoort het roffelen der laatste Don Qiessjot vandaal, strijdend tegen de woordkunst en het verhaal met moraaldood.
Zijn lans gevuld met letterhel, zal vlammen over de velden van kille, strak getypte regelmaat.

Literatuur ! Compliment.
Over de top moralistisch bombastisch. Fantastisch! !
Prachtig!!
prachtig geschreven Lijmstok!
Ik snap er geen reet van en toch vind ik het mooi. Dat is nu pure magie. 😉
Correctie. Even een wat genuanceerder reactie.
Dit stukje is echt niet onbegrijpelijk geschreven. Die magie zit meer in de som der delen dan in de afzonderlijke zinnen, waarvan ik de meeste echt wel begrijp. 😉
Mijn hartje had je al. Toch vroeg ik me wat af: Het is toch toverkol? Of bedoel je een paard dat kan toveren? Of kan het tegenwoordig allebei?
@Lijmstok, prachtig geschreven.
@lijmstok heerlijk & eens 🙂
mooi moralistisch, hoewel ik vind dat er verschillende stijlen qua woordkeus worden gehanteerd