Dertien ben ik en heb een dagboek boordenvol geheimen. Ik knip en plak mijn helden van toen: de Poppys, David Cassidy, Donny Osmond. Zelfs Johan Neeskens wordt omgeven door felgekleurde hartjes. Mijn broers forceren het slot en gluren mee. Van binnen voel ik dat ik graag voor meelezers schrijf. Met een dagboek tel je mee. Op mijn zeventiende neem ik de pen weer ter hand. Ik beschrijf de schrik om het hartinfarct van mijn vader waar ik getuige van ben. Later doemen de eerste echte verliefdheden op. Op mijn dertigste sluit ik een langjarige relatie af, en open een nieuw schrft waaraan ik mijn zielenroerselen toevertrouw. Tegenwoordig schrijf ik columns. Ik stuur ze aan een vijf lieve volgers. Mijn publiek.

Vandaag de dag zijn veel dagboeken openbaar.
@lisette; mooi
Heel mooi.
@Listte Een stuk dat in een dagboek zou kunnen staan.
Opmerkingen:
– mijn helden van toen
Is niet goed geformuleerd hier, daar de ik al aangeeft wat de leeftijd op dat moment is. Een jaartal of tijdsperiode noemen zou wel kunnen
– relatie af, en open
De komma is hier overbodig
– stuur ze aan een vijf lieve volgers.
Het woord een is hier overbodig. Een vijftal kan wel.
@Ineke Wolf: dank voor je commentaar. Ik schrijf deze columns als een soor onderhoudsoefening voor de grotere, waaraan ik meer tijd besteed. Erg leuk om te doen!
@Lisette Waar zijn je columns te vinden?
@Ineke Wolf: in de mailboxen van mijn vijf volgers, en in mijn eigen pc.
@Lisette Oké. Duidelijk.