Schrijf mee!
« »

Communicatie, Liefde, Mensen

Onderweg

9 februari 2013 | 120w | Ineke Wolf | 35 |

De eerste keer dat ik hem zag, was hij net te laat. De week daarna zat hij tegenover mij. We raakten aan de praat. Zo volgden er vele vrijdagen.
Onze gesprekken verdiepten zich; we leerden elkaar kennen, zonder elkaars achternaam te weten.
Na verloop van tijd waren zijn lange haren opeens verdwenen. “Het is warm, mijn hoofd vroeg erom” verklaarde hij.
Na zijn laatste vakantie zag ik hem niet terug.

“U moet wel de reisgenoot van mijn vader zijn”.
Tegenover mij zit een jongere uitgave van de man die mij zo lief is geworden.
“Dit is voor u. Het lag in zijn kluis”.

Ik lees: “Mijn lief, … dankjewel voor zoveel fijne uren”.

Hij heeft me al zijn handgeschreven gedichten nagelaten.

Waarderen en delen

Waardeer je dit stukje van Ineke Wolf of juist niet? Geef hieronder een en/of deel het met anderen!

soortgelijke stukjes

22 reacties

Reageren

120
Wees geen muurbloem, laat je mening achter!
Houd het netjes. Je hebt 120 woorden. Huisregels.

Heb je dit stukje ook al gewaardeerd?

Geen zin om de volgende som op te lossen? Log dan in! * De CAPTCHA-code is verlopen, probeer opnieuw.


« »