Vanachter de receptie kon ik hen ongegeneerd afluisteren. Ze kwamen geregeld langs. Groepen ambtenaren of architecten. Een dagje uit, en dan kregen ze bij ons een lekkere lunch met een rondleiding. Mijn baas ging hen dan voor door het pand. Als oud-dominee hoorde ik overal zijn galmende stem: “Kijk, dit pand lééft, als we stil zijn horen we het ademen, piepen en kraken.” De gasten waren altijd vol bewondering. En wij vol trots. Wat een eer om daar te mogen werken. En toch ging het mis. Politieke spelletjes zorgden voor een onverwacht snel faillissement. Het pand staat nu al zes maanden leeg. Alleen op zondag gaat de oud-theaterdirecteur er weer voor. Hij is teruggekeerd als dominee. Wat een zinloze leegstand.

Doet me denken aan onze woning. Alles is scheef en als het hard waait hoor de balken kraken. Waarschijnlijk ook omdat de nieuwe kajuit tegen de oude balken aan is geplaatst. In ons huis is het nooit stil. Dat is de charme van een oud gebouw of een huisje uit vervlogen tijden.