Gelijktijdig met het betreden van het ziekenhuis, komt de nare jeugdherinnering weer boven. Vijftien was ik toen ik hier voor het eerst kwam. Veel te jong. Van de behandelend arts moest ik hardop uitspreken welke ziekte ik had. Ik weet nog dat het zweet mij uitbrak.
Het was de tijd dat je dat woord niet mocht zeggen. Dat leek zo in ieder geval. Als een onbekende mij op straat aansprak en vroeg wat ik mankeerde, durfde ik het niet te zeggen. Niet omdat ik mij schaamde, maar ik was bang voor een zoveelste schrikreactie.
Ik had kanker. Dat durf ik nu wel te zeggen. Met dank aan de arts. Zijn vraag was het begin van een lang proces… naar genezing.


soms is uitspreken beter dan doodzwijgen