Toen ik haar leerde kennen had ze een baan. Weliswaar geen vaste baan maar toch…
Ze had relatief kort daarop een impact moeten verwerken die haar dwong een wezenlijk deel van zichzelf los te laten. Het had haar bijna haar bestaan gekost. Het resulteerde echter in een vaste baan.
Toen het stof was neergeslagen zag ik mijn kans schoon. Deze stabiliteit zorgde voor de ideale condities. Ze kon warmte bieden en beschutting. Het lag binnen haar mogelijkheden om een suggestie om te zetten in een tastbare realiteit.
Ze nam de suggestie, broeide en liet gelijktijdig ons experiment zijn beloop.
Ik kon haar niet beter beschermen dan zij zichzelf.
De creator van leven, zij die herbergt.
Die blauwe knikker.
Moeder aarde.


Ik heb wel eerder zo’n ‘Gaia-achtige’ stukjes gelezen. Dat vind ik geen bezwaar, want je weet het zo in te kleden dat je de lezer tot driekwart van dit stukje (of zelfs verder) op het verkeerde been weet te zetten. Mooi gedaan.
Mooi SF, een stukje dat je zeker twee keer moet lezen.
Het leest alleen wat vervelend in de eerste alinea: baan, baan, bestaan en weer baan…Verder een leuk stukje!
Ook ik heb wat moeite met de eerste zin. Verder vind ik dit stukje boeiend.
wel intrigerend, maar soms wat lastig te lezen. Ik is de schepper, zij moeder aarde? Dat van die banen vind ik mooi, het woord impact en ‘ze nam de suggestie’ vind ik minder fraai.