Op de tast zocht hij naar batterijen. Al werd hij nog zo oud, zijn ogen zouden nooit aan het donker wennen. Op handen en knieën bewoog hij zich voort over de koude harde grond. Hij woelde in één van de nissen. Aarde kroop onder zijn nagels.
‘Kip, ik heb je,’ fluisterde hij om meteen stil te staan bij de eerste woorden die hij sinds lange tijd weer uitgesproken had. Kip, rund, ham; zou hij ooit nog een warme hap vlees proeven? Hij slikte het speeksel weg, klikte de zaklamp aan en sloot zijn oogleden tegen de plotse felheid van het licht. Er kriebelde iets over zijn voeten. Hij deed een greep. Haastig kauwend maakte hij een einde aan het leven.


Recente reacties