‘Mama, wanneer komt papa thuis?’
Nog twee kindjes over. Door een gaatje kijk ik naar buiten. Papa is al twee dagen weg. Op de vloer liggen drie holle pantsers. Mijn ledematen kraken. Ik heb een vieze smaak in mijn bek. Ons leven was één en al shit, en zelfs dat is er niet meer. Er was nog één kans. Papa zou de akker moeten doorploegen. Proberen de boerderij te bereiken. Schijt hebben aan zijn eigen leven.
Onverschillig had hij afscheid genomen.
Hij stak één van zijn poten op en zei: ‘Ich komme zurück!’
Ik twijfelde. Keek naar mijn kinderen. Liep op ze af. Vermoorde de grootste.
Twee uur later poepte ik mijn kind eruit.
‘Lekker mama, waar blijft papa Mestkever?’

Is poep aan zes poten erger dan poep aan één schoen 🙂
Voor een mestkever niet.