Vallende stenen, innerlijke kou,
niet meer genieten van hemelsblauw.
Stoffige ruimtes, bijna geen lucht,
wat klinkt is een vermoeide zucht.
Een hard regime, geestelijk geketend,
niet meer weten wat vrijheid betekent.
Weggemoffeld, zwaar bescheten,
geen lief meer met wie men kan daten.
Een andermans gelijk, geweldige plannen,
door angst en haat harteloos verbannen.
Spelende kinderen, gekwetter van vogels,
het geluid is nu van knallende kogels.
Verstomde woorden, gesprekken verdwijnen
waardoor broeders onderhuids wegkwijnen.
Afwezig het bladergroen en het wijnrode,
rondom buren kleeft de kleur van de doden.
De stille wonderen, echo’s van verleden,
vervangen door luide maden van het heden.
Zwoele avonden, helder klinkende violen,
verzonken gezelligheid door drabbige riolen.
Uitzichtloos, totaal afgestompt,
Waarom draait de aarde toch nog rond?


Recente reacties