Ooit was ik verliefd op een Australische jongen die jarenlang in de woestijn had gewoond en zijn eigen vlees schoot. Dat waren meestal duiven weliswaar, maar toch. Ik verafgoodde hem, om zijn stoerheid en zijn onafhankelijkheid. En natuurlijk ook omdat hij er appetijtelijk uitzag.
Nu, vele jaren later, leef ik met mijn spaanse ‘Primitive Man’ en slachten we samen ons eigen vlees. We hoeven het niet te schieten, want we houden de haantjes en de ganzen aan huis, totdat ze in hun eigen tempo groot genoeg zijn gegroeid om aan hun plicht te voldoen.
Gevoelige zieltjes zouden zich eens moeten realiseren dat de enige reden van hun bestaan bij ons ligt in de maaltijd die ze ons later zullen verschaffen.


“Gevoelige zieltjes zouden zich eens moeten realiseren dat de enige reden van hun bestaan bij ons ligt in de maaltijd die ze ons later zullen verschaffen.”
ik snap deze zin niet…
bij ‘hun’ gelieve niet te denken aan die gevoelige zieltjes, maar aan de dieren die voor de slacht worden gekweekt!
‘Groter groeien’ is kindertaal. Groeien=groter worden.
Dus beter is: ze in hun eigen tempo ‘groot genoeg zijn geworden’ of ‘voldoende gegroeid zijn’.
Verder begrijp ik niet wat de Australische jongen met de rest van het stuk te maken heeft, en wat je met dit stuk wilt zeggen.
Lieve Marlies, ik hou van kindertaal en in mijn oneindige strijd tegen saaiheid mag ik ‘groter groeien’ gebruiken. De rest ga ik je niet uitleggen als het nu al te ingewikkeld is ..
Een pleonasme kan een stijlfiguur zijn.
@Marlies en @Frank: Groter groeien is een geaccepteerde uitdrukking sinds de KingCorn reclame, maar die is uit de tijd van Lies en mij en ook ik gebruik hem graag, geeft zo’n zin een licht ironisch tintje. Zo ook het stoere type en de tere zieltjes. Lekker stukje Lies;-)
Iets dergelijks geldt overigens ook voor die nertsen die om hun bont gekweekt worden …
Ik ben het eens met de strekking van het stukje.