Op feestjes breekt er na het opruimen van de koffieattributen voor mij altijd een onzekere periode aan. Wanneer het bier eenmaal gaat vloeien en krijgt mijn aangeboren onhandigheid volop de niet gewenste aandacht.
“Wil jij nog een biertje, Theo?” Dit is de vraag die ik het meeste vrees. Niet veel later staar ik, met een fles in mijn hand, ietwat wat verlegen voor me uit. “Wat sta je daar nou met dat flesje?” Ineens is ‘ie er weer: de retorische vraag. Toch kan ik deze plagerij onmogelijk negeren. Daarom, het nummer van The Scene indachtig, schreeuw ik het haast uit:
“Open! Open! Open moet het zijn!”
Met een aansteker en onder spottend gelach wordt de dop van mijn fles gewipt.


en dan toch graag een glas erbij, ik ben geen bouwvakker.