Ik maak de sperziebonen schoon op zondag. Ik denk aan een oude tante, de tante van mijn moeder om precies te zijn. Zo’n tante met een rechte rug, een stoere blik en een grote knot met een vlecht erom heen: een fier mens. Het beeld van sperziebonen schoonmaken is voor mij met haar rappe handen verbonden.
Ik zie haar nog lopen en fietsen: rechtop in de Friese wind, een vrouw als een vesting: je kon er altijd op bouwen. Op een morgen was de knot er nog niet toen ik in de keuken kwam en ik zag voor het eerst de kwetsbaarheid. Jonger en toegankelijker leek ze. Ik zou haar nog wel eens willen zien in die kwetsbaarheid.


Bonen haren, stoofpeertjes erbij. Oerhollands, net als die knot. Vervlogen tijden.
Greta, bij het lezen van je beeldende herinnering vormt zich bij mij het beeld van jou! Ik haal zo het beeld naar voren september 2001: grote vrouw, haar gevlochten en gedrapeerd op dezelfde wijze zoals je omschrijft: degelijk, stoer (en humor?). Misschien in de spiegel kijken als je naar je tante zoekt? Een pracht verhaal over een pracht vrouw!