‘In het kastje, je weet wel, waar jullie zakgeld vroeger altijd lag, ligt een envelop: ‘Voor later’. Welnu, doe er wat leuks mee, nu kan het nog. In het plastic tasje, duurzaam bestaat voor mij niet meer, zitten medicijnen die ik tot vannacht nooit meer gebruikte omdat ze toch niet hielpen. De huisarts moest tenslotte iets doen. Heeft hij mij toch nog geholpen.
Ik was noch een lafaard noch een held. Tot aan vannacht dan. Oordelen jullie zelf maar.
Later is nu. De naam ‘Dageraad’ gonsde maar in mijn hoofd. Ik durfde de strijd met het einde niet aan. Waar ik aan hechtte was mijn zelfstandigheid.
Als de pijn na de dood was gekomen had ik een mooi leven gehad.’


Han: hart. Vooral de laatste zin.
@Berdien. Dank je wel!
beeldend geschreven, toch wel verdrietige laatste woorden, door dat voorbehoud
De titel zegt veel. Ik raak in de war door het schijnbaar willekeurige gebruik van tt en vt. (zitten medicijnen die ik tot vannacht nooit meer gebruikte…)
@Stella. Dat is niet willekeurig gebruikt. De man laat een bericht na en spreekt van medicijnen die hij heeft ingenomen.
De verwarring zat hem in het ’tot vannacht’. Mijn hersens konden dit maar moeilijk verwerken. Het is laat, straks weer dageraad.
@Stella. Ja, vannacht heeft hij die medicijnen gebruikt die hij daarvoor niet meer gebruikTE.