‘Ik kom eraan.’ Dat moet mijn vader gezegd hebben nadat hij zijn Ford Zephyr bij een telefooncel had geparkeerd.
‘Doe voorzichtig, ik ga even met de jongens naar de slager, bakker en kruidenier,’ moet mijn moeder hebben geantwoord.
De “jongens” zijn mijn zusje en ik. Zij in een jurkje en ik in een kort broekje (wol… Brr!) met galgjes.
’s Middags komt de fotograaf die ons vereeuwigt. We zitten op de divan: mijn zusje op schoot bij mijn vader en ik bij mijn moeder. Zo is het gegaan.
De zwart-witfoto staat nu op mijn schoorsteenmantel. Een tweede afdruk in het fotoalbum. Vader, moeder, zusje en broertje. Eenheid door verscheidenheid. Niet gedeeld op internet, hooguit met familie en een goede kennis.


Nostalgisch.
@Nele. Ik houd ervan!