Na jaren van vergeefs proberen, gaven we de moed op, mijn geliefde en ik. Uit mijn buik zou geen baby komen. We rouwden om iets wat geen bestaan kreeg.
Heel voorzichtig bespraken we de mogelijkheid dat niet ik, maar mijn lief zwanger kon proberen te worden. Zo waren we het proces niet ingegaan, maar de klok tikte verder.
Er volgde een jaar waarin we maandelijks weer leefden tussen hoop en vrees. Het beeld van een kinderloze toekomst doemde op.
Totdat mijn lief ineens geen koffie meer lustte.
Na 35 weken hield ik het zachte, roze lichaampje van mijn dochter in mijn armen. Te vroeg gekomen, maar helemaal gezond.
Uit de buik was ze meteen ook mijn kind. Alles is goed.

En mooi opgegroeid.
Heel mooi. Het doet mij denken aan mijn achternichtje Rosa. Ze zou dit jaar rond Pinksteren geboren worden, maar kwam met Pasen. Zeven weken te vroeg. Ze doet haar naam eer aan. Een roosje in de dop, maar wat een levenskracht.
Over een ander boeg, toch van jullie samen. Kwetsbaar beschreven Lisette, daarom pakt het me.
Mooi Lisette. Houden van is niet afhankelijk van je oorsprong.
Intens stukje, Lisette.
Je neemt me mee in je gevoel.
Heel mooi.
@Hadeke: dank voor het persoonlijke compliment, ik geef het door!
@Levja: ja, het blijft bijzonder om die levenskracht te zien, hè?
@keesleeuw: dank voor je mooie woorden.
@Berdien: helemaal mee eens!
@Nel: dank, grote dank.
Ontroerend.
@Henk: dank, ik herinner me die tijd ook als een en al emotie.