Vlak voor hij me passeert is er oogcontact. Hij draait zich bruusk om en fietst traag voor me uit.
Ik ben alert. Terwijl ik hardloop wordt onze afstand kleiner. Een man van veertig. Rood haar, groene jas. Redelijk verzorgd, een krat voorop zijn fiets. Hij kijkt zoekend rond. Wat doet hij hier, midden op de dag, op deze verlaten weg? Ik heb niks bij me en ben bezweet.
Hij stopt en stapt af. Hij lijkt me sterk. Hoe lang kan ik het rekken? Ik houd mijn adem in terwijl ik langs hem ren. Hij bukt, zijn hand reikt in de bosjes.
Een modderige, vuilwitte teddybeer. De man glimlacht, veegt de druppels van het hoofdje en stopt hem in zijn binnenzak.

Mooi stukje. Op den duur is alles en iedereen verdacht.
Mooi weergegeven dat alertheid wordt verward met angst aanjagen.
Ja goed.
knappe wending!
Complimenten, Laura! En alweer zou er een extra hartje moeten zijn voor de titel van een stukje.
mijn complimenten
Laura, sterk stukje met bijzondere wending!