‘Wie neemt het woord?’ vraagt Kees.
‘Ik,’ zegt Iris. ‘Dankzij het werk van Jacqueline hebben we gesprekken kunnen voeren met de Blauwtjes. Welnu, in een notendop: ze komen inderdaad uit hetzelfde gebied als de dwergoeistiti’s, die zij Primitieven noemen. Ze zijn gevlucht voor een gevaar en waren geïnteresseerd toen ze hoorden dat een deel van hun volk veilig op een eiland in de Amazone leeft.’
‘Hoe zijn ze hierheen gekomen?’ vraagt Kees.
‘Op vogels. Ze zeggen dat ze die ‘nemen’, zoals wij een vliegtuig. Hoe ze dat doen is me nog een raadsel.’
‘Ze willen nu ook naar dat eiland,’ zegt Lucas. ‘Maar ze weten niet hoe.’
‘We zouden ze kunnen brengen,’ oppert Jacqueline.
Kees knikt nadenkend. ‘Misschien,’ zegt hij.


Marlies, ik ben hier niet zo vaak, maar ik volg jou en de blauwtjes nog altijd met veel plezier!
Ha Ewald! Ik heb je inderdaad al een tijdje gemist. Leuk dat je de Blauwtjes blijft volgen en dat je nu even reageert. Ik ben hier trouwens ook niet zo vaak meer, vrijwel alleen als ik zelf weer een verhaaltje plaats.
Weer een hartje waardig Marlies
Geweldig. Een vogel nemen zoals wij een vliegtuig. Wat een vondst.
En dan kunnen die blauwtjes vast ook met vogels communiceren. Verrassend.
mooi en het verhaal staat ook op zichzelf overeind