Mijn oren jeukten, een biechtmarathon, daar leek het eigenlijk wel veel meer op, een cadeau die ik alleen maar uit beleefdheid aanvaardde. Ze hadden het over goddelijke marsmannetjes, de wonden van Christus, en de kruisen die ze droegen om het afstaan van hun koekoekskinderen…
Bijna iedere zuster had wel minstens één kind dat door vreemden werd opgevoed! Nu nog wens ik nog steeds dat ik toen oordoppen had ingehad. Ze waren inderdaad gekker dan de gekken waar zij voor zorgden.
Ik liet hun woorden tot me doordringen tot de woordenvloed voorbij was. Het was laat toen ik die avond naar huis ging en op de terugweg begonnen mijn voetzolen vreselijk te jeuken. En dat bezorgde me dan weer benauwende hartkloppingen.


Recente reacties