De jongen en het meisje op de vleeswarenafdeling van de supermarkt maken zich verstaanbaar door het gebruik van woorden als ‘chill’ en nog meer eenzelvige woorden die net zo klinken als hun eenheidsworst smaakt.
Ze zijn gekleed in voor mannen en vrouwen hetzelfde hesje. Alleen het sjaaltje bij het meisje doorbreekt de uniseks.
Even later hoor ik ‘kankervet’. ‘Wat nou?’ zeggen beiden als ik er wat van zeg.
Vreemd, er wordt geen onderscheid gemaakt tussen een jongen of meisje achter de kassa: beiden heten caissière.
Ook in de taal is er sprake van uniseks: de schrijfster noemt zich doorgaans schrijver en de advocate, advocaat. Beiden gekleed in een toga. Maar van huisarts bestaat geen vrouwelijke vorm.
Nee, ‘huisartseres’ klinkt niet.


De emancipatie ten spijt is de uniseks beroepsaanduiding nog niet overal doorgedrongen. Ik ken een jonge vrouw (26) die zichzelf orthopedagoge noemt. Daarnaast is zij, naar eigen zeggen, trainster bij een turnvereniging.
Vroeger werd wel van dokteres gesproken, maar dit is wel heel ouderwets.
@Ewald. Het loopt een beetje door elkaar is mijn indruk.
Naar mijn idee is er ook een verschil tussen de Randstad en daarbuiten. De vrouw die ik aanhaalde komt uit Nijmegen.
@Ewald. Ik geloof je onmiddellijk.
<3
Ik ben helemaal voor, voor de emancipatie van de uniseks-beroepsaanduidingen. (Zonder uitsluitingen, kardinalen en priesters bijvoorbeeld, mogen voor mijn part allemaal aangeklaagd worden voor discriminatie.)
Ben helemaal weg van benaming ‘huisartseres’.
Interessante column, Han.
Leuk, die dubbele betekenis van eenheidsworst.
Voor mij hoeven de specifieke vrouwelijke beroepsaanduidingen niet.
Ben ik helemaal met Nele eens.
Han, origineel gevonden deze man of vrouw-aanduidingen mbt het weekthema. Ergens begin jaren negentig is dit binnen geslopen in onze maatschappij, heb ik altijd gedacht. Ik heb het nooit als discriminerend ervaren, deze aanduidingen. Meer een gemis, nu het er niet meeer is. Maar dat is echt persoonlijk.
@Nele, Levja, Nel en Marie. Dank voor jullie interessante reacties.
Han: mooi bij elkaar, je observatie en je discussie. Het onderwerp is zo breed en hedendaags, maar zouden de winkelkinderen zich er ook druk over maken?
@Berdien. Dat denk ik niet.
Leuk! Ook ik vind huisartseres wel mooi klinken (-;
@Arjan. Dank je. Nu je het zegt…
@Han, in mijn feministisch-fanatieke jaren moest steeds worden vermeld of het om een hij of een zij ging. Uit protest schreven we wel eens stukken helemaal in de zij-vorm, en vermeldden dan dat overal waar zij stond, ook hij gelezen kon worden. Werd zo’n verhaal toch anders van.
Als toppunt wilde ik vroeger ook dat er bv. timmervrouw werd gezegd. En ergens las ik dat we het – vrouw of -man konden omzeilen door deze beroepsgroep geslachtsloos als ’timmer’ aan te duiden (was het niet in een van de strips van “Jan, Jans en de kinderen”?
@Lisette. Ik denk dat het belangrijkste is of iemand zich prettig voelt bij een beroepsnaam. Als een schrijfster zich liever schrijver noemt: wat maakt het uit?
@Han, dat is waar, het maakt dan niks uit. Maar het is grappig te zien hoe de strijd tegen de (Mannelijke, witte, hetero) moraal met de strengheid van nieuwe moraalrideressen werd gevoerd.
@Lisette. Dat is zeker waar. Vaak gaat het m.i. meer om de strijd op zich dan om de inhoud. Ik word er een beetje moe van.
soms is de secretaresse dan weer een man.