Al had inspecteur Jansen de pest aan jankende temeiers, voor weduwe Sjaantje maakte hij een uitzondering.
“Wie doet nou zoiets?”, snikte ze, wijzend op de wond in het achterhoofd van haar man, “Toen ik thuiskwam lag hij daar, kassiewijle.”
Jansen bekeek de hoofdwond en de bloedvlek op het dressoir.
Sjaantje klom op een krukje om twee kopjes te pakken uit het glazen kastje. “Je krijgt een bakkie pleur, al ben je een rus.”
Terwijl Sjaantje in de keuken bezig was, bekeek Jansen het dressoir nog eens. Ongelukkig gevallen, maar hoe precies?
Peinzend draaide hij zich om. Daar stond Sjaantje, die hem een harde duw gaf. Hij wilde een stap achteruit doen, maar stuitte op het krukje.
Daarna werd alles zwart.

Beste Niels Blomberg, welkom op 120w! We vinden het leuk dat je meeschrijft op onze site! Als je vragen of opmerkingen hebt horen we het graag. En vergeet niet dat je altijd in gesprek kunt gaan met je collegaschrijvers via de reactiepanelen.
Groeten en veel 120 woorden lees- en schrijfplezier gewenst!
De 120w-redactie