Redenaar viel op zijn knieën
schokkend kwam zijn lichaam neer
handen om de pijn gevouwen
kloppen doet zijn jongeheer.
Hij was al zover gekomen
zoekend naar de juiste zin
ogen konden hem niet vinden
zwoegen sloeg de pijn erin.
Deze pijn geeft hem visioenen
zwetend wordt hij ze gewaar
handen grijpen naar een tempel
zweven doet de redenaar.
Deze tempel opent deuren
knarsend over zand en steen
ogen zien de kracht en weelde
dansen over marmer heen.
Hij knielt voor een oude meester
zwijgend op een hoge troon
handen in zijn schoot gevouwen
kijkend naar een triest persoon.
Redenaar zit op zijn knieën
wacht nog op de wijze leer
oude meester kucht en zegt ‘m:
“lach eens naar je jongeheer!â€


BroederVork, leuk en knap in elkaar gezet,
Een lekkere V.