Van je ene, van je tweeë, drie in de pan
“Ik ben een pannenkoek”, zo grapt de man
Of het mij ook maar iets schelen kan?
Dat dacht ik niet, ik hou me er verre van
Die keuken met z’n regels
Dat aanrecht met die tegels
De man voert z’n vlegels
Ik spaar mijn krankzinnige zegels
Alles moet stipt op tijd elke stikkende dag
Niks dat ooit eens anders mag
Orde en regelmaat, als een marcherende trommelslag
Voor mijn leger een lust, voor mij een laag gelag
Ik breek vrij van het metrum van hier
Ik ga zwieren, ik ga vliegen, ik maak plezier
Jullie starheid interesseert me geen zier
Mijn drie rechten, en ik ben de enige averechtse vier.

Top
Berdien, welkom met dit grappige gedicht.
Interessante invulling.
Een metrumbreker.
Leuk! Ik had dit, en jouw andere stukjes helemaal gemist. Welkom!
@simone: Dank je voor het welkom. Valt veel te lezen hier, ook snelle kritiekvorming geloof ik.