Henk is na twee weken thuis blijven bereid om te gaan werken.
De verwondingen zijn goed geheeld door de hechtingen. Er is geen blijvende schade, op littekens na.
Geestelijk verwerken dat hij thuis -daar waar hij zich veilig zou moeten kunnen voelen- is aangevallen, kan best nog een tijd duren.
En naderhand bleek ook nog dat hij verward was met een ander. Van achteren leek hij enorm op degene die een paar dagen later hetzelfde overkwam. Die overleed aan de verwondingen.
Met Iris spreekt hij af om haar te bellen als hij naar huis komt.
Dan kan zij hem opwachten.
Zo geschiedt, maar hij voelt zich echt niet meer veilig in de buurt waar ze wonen.
“Iris, ik wil verhuizen”.


Zo voorstelbaar. De ander, die aangevallen is, is daaraan overleden. Brr. Je laat de spanning wel oplopen!
Dank je wel Marie!
Dat je zoveel vraagtekens kan oproepen in 120 woorden. Knap geschreven. Wie was het oorspronkelijke doelwit en wie de dader? Wat is er voorgevallen, waarom, waarom?? Dit vraagt om antwoorden Ingrid. 😉
Bedankt Alice! Na de reacties op deel 1 gooide ik het nu over een iets andere boeg. Missie geslaagd kennelijk 😀
Goed vervolg Ingrid. Ook helemaal voor te stellen.
Deze zin vind ik niet heel lekker lopen: ‘Hij sprak met Iris af dat hij haar belt als hij naar huis komt.’ Ik zou eerder denken aan: ‘Met Iris sprak hij af, dat hij haar zou bellen als hij naar huis kwam.’ Is maar een suggestie, hoor.
Mooi vervolg, Ingrid, waarbij je de impact laat zien van een misdrijf. Het gevoel van veiligheid is ernstig aangetast.
@Nel dank je wel!
@Levja, eveneens bedankt, ook voor de tip. Ik heb er iets anders van gemaakt.
Ja, kort en krachtig @Ingrid. Past helemaal bij Henk en zijn stellingname.
Zo is dat Levja 😀
@Ingrid. Leuk vervolg.<3
Fijn om te lezen, Han
Ingrid, ik zie dat je deel 2 en deel 3 hebt aangepast. Ik zou alleen nog schrijven: geschiedt.
Verder houd ik m’n mond; je hebt ook nog een gezinsleven tenslotte 😉
LOL Ewald, ja dat heb ik maar daar vind ik nog wel een gaatje voor hihi.
Ingrid, ik kan het toch niet laten, hoewel ik me bijna ga schamen. Wonen… (ze zijn toch nog niet verhuisd?) 🙂
Goed vervolg.
Woonden moet inderdaad wonen zijn. Ze wonen er immers nog.
De zin ‘En naderhand bleek …’ zou ik in tt zetten.
Laat dat schamen maar aan mij over Ewald 😉
Ik twijfel of dat in deze context juist zou zijn Mien. “Naderhand blijkt” is alsof het nog moet blijken…
Ingrid, de alinea: ‘En naderhand bleek… …aan de verwondingen’, is naar mijn idee een tussenstuk, dat in deze vorm (o.v.t.) heel goed past.
En wat het schamen betreft: vooral niet doen. We leren allemaal van elkaar.
Het blijken blijft, is dus niet passé, maar evengoede vrienden. 🙂
Gewoon laten staan dus. 😉
Ewald: ik leer vooral van jullie 🙂
Mien: ja, ik laat het hierbij 🙂
Prima.