‘Hans, weet jij waar Marina is? Ik zag haar stomtoevallig bij jou aanbellen.’
‘Dat klopt, Tim. We dronken samen een wijntje. Is dat een probleem?’
‘Natuurlijk niet. Ik wil alleen weten waar ze daarna heenging.’
‘Dat weet ik niet. Ik vermoed dat ze het zelf ook niet wist.’
‘Vreemd. Bij mij weet Marina precies wat ze wil.’
‘Marina blijft een vrouw, Tim. De fles is trouwens nog niet leeg. Lust jij ook een glaasje?’
‘Hans, ik word oud. Na drie glazen ben ik al draaierig.’
‘Dan mag je niet meer rijden. Blijf maar eten.’
‘Wat schaft de pot?’
‘Geduld, Tim. Het vlees staat nog in de marinade.’
‘Wat voor vlees?’
‘Ik weet het niet, Tim. Misschien weet jij dat wel…’


Marina is naar de Efteling… 😉
Welkom terug, Hay!
Knap opgebouwd verhaal: “ik vermoed dat ze dat zelf ook niet wist” 🙂
Subtiele titel.
<3
Ha Hay en Marina, Marina… Leuk je weer te lezen.
Ik heb eigenlijk al mijn schrijftijd nodig voor een verhaal dat waarschijnlijk zo’n 160.000 woorden nodig heeft. Maar ik ga toch ook weer af en toe een korte schrijven.
@Andre @Nel @Levja
Bedankt!
Grappig dat er zo veel bloeddorstige verhaaltjes opborrelen bij het woord marinade. Mooi opgebouwd.
Ja, dat viel mij ook al op. Zal misschien aan het warme weer met al die barbecues liggen. 😉
Hay, goed om je weer te lezen!
Meestal schrijft Els over Marina.
Welkom terug, Hay.
Weet ik nog, Lousjekoesje. Ik neem aan dat Els het in dit geval niet als plagiaat zal beschouwen. 😉
Marina, ik vrees het ergste.