Een jongen van een jaar of dertien ligt bewusteloos op het strand, nog half in het water. Pa en ik trekken hem het droge op en pa weet hem met hartmassage en mond-op-mondbeademing tot leven te wekken. Op onze wie wat waar hoe antwoordt hij niet. We nemen hem mee naar ons huis dat vlakbij ligt.
Ma geeft hem soep. Hij slobbert het gretig op, maar nog steeds beantwoordt hij geen enkele vraag.
Zou hij stom zijn?
Na de soep loopt hij naar de schoorsteenmantel en staart lang naar de foto van mijn broertje Gert, die op zijn vierde verdronk. Ma kijkt met een vreemde blik naar de jongen.
Dan zegt hij: ‘Dat ben ik.’
Ma gilt en valt flauw.


Zo subliem.
Misschien na vraag en zou hij stom zijn? een enter?
Dank je, Levja! Hé, ik dacht dat ik daar een enter had geplaatst. Ga ik meteen doen.
En nu toch het woord schoorsteenmantel! 🙂
Ja, deze mantel laat niet gemakkelijk los.
Een mooi afgerond verhaal en dat in zo weinig woorden. Mooi beschreven gebeurtenissen. Vooral ‘slobbert’ vind ik goed gekozen. Door de woordkeus wordt het verhaal beeldend.
Dank je, Alice.
Wow. Creepy.
Mooi Marlies. Het wonder van de verloren zoon.
Kippenvel.
Nele, Nyceway, Ingrid, mijn dank!
WoW, heel bijzonder, Marlies! Het zal maar gebeuren…
Mooi stukje Marlies. En mysterieus, wat is er in de tussentijd met hem gebeurd…?
Dank je, Inge.