Het is muisstil in de kamer, bleke zonnestralen sijpelen doorheen de gordijnen en strelen zacht de zware dekens op zijn sterfbed. De stilte weegt als een molensteen op ieders gedachten en zelfs al zouden we het willen, niemand weet wat te zeggen.
‘Jullie moeten niet bedroefd zijn, ik ben dat ook niet. Ik ben negentig en mijn leven was vaak een helse tocht. Maar ik heb heel veel mooie momenten beleefd en ik heb nergens spijt van. Als ik jullie ooit pijn heb gedaan, dan vraag ik om vergiffenis. O ja, jullie hebben me ook veel mooie herinneringen bezorgd en daar ben ik heel dankbaar voor. Ik kan met een gerust gemoed sterven.’
Ik sta op en sluit zijn ogen.


Doorheen de gordijnen ?
In ieder geval weet de strevende wel wat te zeggen. Zou anders een dooie boel zijn geweest daar in die kamer.
‘Doorheen de gordijnen’ klinkt mij ook fout in de oren. Maar ik geloof dat het wel juist is in een bepaald dialect of Vlaams?
Wat een kalme en wijze stervende.