Mijn tante moet zich vreselijk hebben gevoeld nadat haar man gestorven was aan longkanker en haar dochter werd opgenomen voor een kwaadaardige tumor. Twee van haar naaste familieleden verdwenen na een vreselijk ziekbed uit haar leven.
Tijdens deze tragedie leerde ze meneer en mevrouw Priem kennen. Ze werden vanaf die tijd haar steun en toeverlaat. Zij gaven haar een schouder om op uit te huilen, een luisterend oor en nieuw sociaal contact om voor te blijven leven. Zij waren er in de barre jaren die volgden steeds weer bij, ook toen haar beide zonen stierven.
Als er engelen bestaan, moeten deze twee mensen wel engelen zijn geweest. Zij schoven eigenbelang aan de kant en waren er altijd voor hun naasten.


gelukkig zijn er soms mensen die het goede doen, die moet je koesteren