Zomaar ineens zin om een mening te spuien.
Van daken te schreeuwen.
Eigen waarheden te verkondigen.
Soms bekruipt me die toestand en overweldigt me volkomen.
Alle input die me bestookt klit aaneen, tolt rond, zwelt aan.
En juist op het moment dat de aandrang ondraaglijk wordt, bevind ik me in het oog van de orkaan.
Zonder tot tien te tellen is er even plotseling dat vacuüm, zoals de windstilte in de krater van een zwijgzame vulkaan.
Gedachten komen tot stilstand, noem het geen berusting.
Van buiten niet waarneembaar, van binnen een brij.
Interne dialoog, discussie, reflectie.
De denker dominant, de doener koest.
Het komt en gaat in golven.
De ene keer het bootje, de andere keer woeste zee.
Smeulend vuur.

Mooi.