Ondanks dat er een warme dag is voorspeld, staan wij te rillen bij het graf. Door de koude van het gemis van mijn te jong gestorven broer, door de lege plek in onze familie. Vandaag zou hij tweeënvijftig zijn geworden… Hij haalde zijn achtenveertigste verjaardag niet eens!
We staan op de begraafplaats. Mijn schoonzus wil graag een lichtje plaatsen bij het graf: iets dat werkt op zonne-energie, iets dat duisternis verdrijft. Denkt zij dat hij dat dan zal zien, dat zijn geest nog steeds hier onzichtbaar rondwaart? Met haar andere religieuze achtergrond ervaart ze de dood wellicht anders.
Ik vind het wel een mooi gebaar en hoop dat zij het licht blijft zien in de duistere tijden na zijn dood.


@Marjo, mag ik het volgende opmerken. Men staat bij het graf, in de 1e zin van de 1e alinea en dan op de begraafplaats in de 1e zin van de 2e alinea. Vind je dit niet te veel duiding? Dan: de duistere tijden na zijn dood … Voor mij is dit meer kort na een overlijden en niet zozeer vier jaar later.
Met die opmerking van Mili over die twee nogal op elkaar lijkende plaatsaanduidingen ben ik het eens. Ik zou in de tweede zin ook niet twee keer ‘van’ vlak achter elkaar gebruiken.
Dat ‘duistere tijden na zijn dood’ stoort mij daarentegen niet. Het zijn immers de tijden die voor haar schoonzus nog in het verschiet liggen. Het slaat niet op het nu en dus kan het voor mij best.
MarjoHe56,
Heel mooi geschreven. Zou licht meer doen dan alleen maar het idee van denken aan de overledene?
VmetdeVorK.
@Marja, er is wel een warme dag voorspeld, maar uit niets blijft dat het ook een warme dag is.
– We staan op de begraafplaats.
Dat staat er helemaal overbodig.