Ze stommelden de hotelkamer in terwijl ze aan elkaar frunnikten.
“Wat ben jij een hete!” ademde hij.
“Je weet nog niet half hoe!” lachte ze.
Strippend liep ze naar de badkamer. “Kom je?”
Hij ontkleedde zich snel. Dat hij dit dankte aan de meest afgezaagde openingszin aller tijden! “Misten ze je niet toen je uit de hemel viel?”
Het stond vol stoom toen hij binnenkwam. Ze zat in bad, tussen de bubbels. Hij boog zich naar haar voorover. Met zijn mond maar een decimeter van de hare, legde zij haar hand in zijn nek en fluisterde:
“Niet meer. Het was nog helemaal aan het begin. En ik viel niet, ik werd geworpen.”
Toen trok ze hem het kokende water in.


Zo! Dat is nog eens een ontknoping.
Waarop slaat ‘het’ in de zin ‘Het stond vol stoom …’?
Samen in het kokende water? Dan leer je wel stoom afblazen!
Dit is trouwens de zoveelste die stomend de badkamer in of uit gaat; loop voorgaande stukjes er maar op na.
Met vriendelijke groet,
Chris
@Hilde: “het” slaat op de inhoud van de badkamer, een constructie waarvan ik nu je het zegt niet zeker ben of hij correct is, maar die voor mij heel natuurlijk klinkt.
@CP: Ja, dat wil ik wel geloven; het is een plek waar je nogal eens stoom tegenkomt (als je dat stoom niet te letterlijk neemt). Het had niet per se de badkamer hoeven zijn, maar zo had ik in 1 klap zowel een erotische setting als water als bron van de stoom.
Waarbij ik veronderstel dat een paartje dat plaatsneemt in kokend water de lust tot erotische genoegens snel vergaat.
Dan wordt het snel: ‘wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten’.
Met vriendelijke groet,
Chris
Chris geef ik volmondig gelijk. Ik krijg ook bepaald geen erotisch getinte beelden bij je stukje, maar denk eerder aan gauw 112 bellen en een ambulance naar Beverwijk.