Een aangename lente, een prachtige zomer, wat had hij een mooie tijd beleefd dit jaar. De vogels die rondom hem vlogen en wanneer hij zich echt stil hield, kwamen ze zelfs op zijn lange armen zitten. In het voorjaar was een koppeltje veldmuizen in zijn jas komen wonen. Na een dikke maand kwamen er vier kleintjes uit zijn vest gekropen.
Maar nu bij het begin van de herfst wordt het tijd om afscheid te nemen. Spoedig zal de wind weer kouder en sterker worden en dan komen ook de regenvlagen. Straks brengt de oude landbouwer hem weer naar zijn winterverblijf, de hooizolder, want het gewas rondom hem is volgroeid.
Trots strekt hij zich een laatste keer. Zijn werk zit erop.


Mooi stukje, vind ik, maar ik zou voor een andere titel gekozen hebben, zodat de lezer al lezende kan ontdekken wie hij is. Passende wisseling van werkwoordtijden in de 3 alinea’s. De tweede zin vind ik wat krom, zou ik in twee splitsen.