‘Hé man, doe niet zo opgefokt. Je lijkt mijn vrouw wel.’
‘Je vrouw?’
‘Ja, als haar hormonen opspelen dan vertoont ze hetzelfde gedrag als jij nu. Alles moet gehaast en dan is ze bijzonder geprikkeld. Er is geen land met haar te bezeilen.’
‘Nu je het daar toch over hebt, houd jij het grootzeil even in de gaten, want we gaan zo overstag.’
‘Nou dat bedoel ik dus. Hoe lang varen we nu al samen, toch al heel wat jaartjes. Vandaag zit je me echter zo op mijn huid, dat ben ik niet gewend van je.’
‘Is dat echt zo? Sorry maat, maar…’
‘Ach laat maar. Misschien heeft het wel te maken met het feit dat we de keerkringloop volgen.’


Met plezier gelezen, @Henk
Klein puntje: het woord echter is (voor mij) geen spreektaal. Het viel ne direct op.
Dank je voor je reactie Nel. Echter is dat bij mij wel, net zoals evenwel en zelfs het oude edoch. Misschien ook wel door mijn NAH.