Jij slaapt boven.
Ik slaap op de bank.
Als jij opstaat ga ik naar boven.
Ik slaap nog een uurtje in bed.
We lopen zwijgzaam langs elkaar.
We zeggen niets.
De spanning schreeuwt het uit.
Samen eten voor de buis.
Met het bordje op schoot.
‘Ik wil bij je weg.’
Ik vind het goed.
Ik schrijf me in voor een huurflatje.
Twee weken later woon ik elders.
Een halfuurtje op de fiets.
Mijn zoon is vier.
Ik krijg twee hem keer per maand een weekend.
Ik leef in een roes.
Gelukkig is daar de fles.
Het houdt me op de been.
Verderop is de kroeg.
Ik ben er klaar voor.
Voorlopig ben ik elders en vind ik rust in vergetelheid.


Dubbele voren…achtste regel
Dank.
@DeFrysk, goed verhaal. Ik vind alleen vergetelheid zo’n clichéwoord.
Oh?
Pfoe, indrukwekkend!
heel realistisch, mooi!
Pakkend.
hem en twee omdraaien! Verder aangrijpend
@defrysk schrijven is verdrijven Tom Lanoye