De decaan spreekt de aspirant-studenten toe. ‘Dit is een opleiding voor toppers. Als je drie jaar op onze campus studeert, kun je straks alle kanten op, je kunt arts worden, econoom of desnoods psychiater. Je kunt overal over meepraten.’
De jongen van zeventien hoort het aan. Zijn vader zegt ‘lijkt het je niet spannend, je zo intensief te ontwikkelen, met jongens en meiden uit allerlei landen. Die kans kreeg ik vroeger niet.’
De vader bekijkt met heimwee de studenten die relaxed in groepjes discussiëren en spelen met hun iPhones.
‘Weet je’, zegt de zoon, ‘zo’n bijenkorf is niks voor mij, ik blijf liever nog even thuis wonen en leer gewoon een vak. Je zult zien, daar kom ik verder mee.’


Verstandige keuze.
Het mooie van kiezen.
Wat een wijsheid voor een jonge student.
@Jose, mooi, het verlangen van de vader tegenover de zoon die weet wat hij wil.
José, treffend beschreven. Zonder de laatste zin zou het volgens mij wat krachtiger zijn.
Raak stukje. Ben het wel eens met de opmerking van Hendrike. Ik vind die laatste uitroepteken op de één of andere manier minder fraai. Maar ja, dat is persoonlijke smaak… 🙂
@José, ik denk niet dat een decaan het zal hebben over het studeren op de campus, die zal het hebben over studeren aan deze Universiteit.
En na drie jaar al dokter, econoom of psychiater worden? Dat desnoods komt vreemd over op mij.
en terwijl de decaan de studenten toespreekt, zijn die studenten in groepjes met elkaar aan het discussiëren?
Dank, heb uitroepteken weggehaald. Ter verduidelijking, ik bezocht bijna veertien jaar geleden met mijn toen zeventienjarige zoon een voorlichting over het ‘university college’ in Utrecht, met het verhaal dat je daar een bachelor kon halen waar je alle kanten mee uit zou kunnen. We zagen daar toen studenten in groepjes actief, die Iphone heb ik er bij verzonnen, dat had je toen nog niet. Mijn zoon voelde er toen niks voor, terwijl het mij nog wel aardig leek.