Zondags waag ik de oversteek, een drukke verkeersader scheidt het ongerepte moeras van de hectische stad. Na enkele stappen op het bospad word ik opgenomen in de serene rust en hoor ik enkel nog geritsel in het dichte struikgewas terwijl alarmkreten van vogels mijn komst aankondigen.
Een schichtige ree ontsnapt mijn ooghoek, ik nader de sompige grasvlakte. De kleurrijke bosrand lijkt neerbuigend te wijken voor het water, hier is geen grond om te wortelen. Laarzen zinken diep weg, elke stap kost meer kracht tot waar het welkom wacht.
Talloze kleine kikkers springen om mijn benen, op mijn broek, in mijn laarzen en mijn haren. Het slijmerige wederzien duurt maar even, toch voel ik me, zoals elke week beter dan ooit.


Klinkt als een mooi stukje natuur.
@Adonaies ik kan het mis hebben maar moet sompige niet zompige zijn?
@GJ Volgens Van Dale mag/kan het allebei.
Ik denk dat je stuk er qua sfeer op vooruitgaat als je flink snoeit in die bijvoeglijke naamwoorden. Enkele voegen niets toe en zijn dan (in mijn ogen) overbodige ballast. Zo is bijvoorbeeld een verkeersader bijna altijd druk, vandaar ook die benaming.
@Frank, thx ik ben niet in het bezit van de Van Dale, ben gewoon gewend om het anders te doen en kwam online ook niets anders tegen.
overbodige ballast: eveneens een pleonasme
Dank voor de reacties en kritiek, ik kom hier tenslotte om te leren. 😉
@Anoniem
Je hebt helemaal gelijk met je pleonasme… Terecht opgemerkt.
Een verkeersader kan ook stil zijn, zondagochtend bijvoorbeeld. O, dan speelt het verhaal, nee maar.
En ballast voert een schip niet zomaar mee, hij is niet zomaar overbodig maar mist waarschijnlijk handelswaarde.
Nou, van dat twee keer zomaar in mijn reactie was er dan wel weer een overbodig 🙂
@André de Raaij
Je was niet de enige met dat euvel. 😉