“Aanvallluh!” Met z’n allen stormen we luid krijsend op het voedsel af. Links en rechts deel ik rake klappen uit. Het mogen dan familie en vrienden zijn, maar tijdens een maaltijd telt maar één ding, wie het eerst komt het eerst maalt. Gehaast schrok ik kleffe witte brokken van iets naar binnen. Een neef naait er uit met een grote homp voer, we snellen achter hem aan. Als hij niet delen wil, jatten we het gewoon. Panisch verdedigt hij zijn buit. Vechtend scheuren we zijn vangst aan stukken. Gefrustreerd leegt neef zijn darmen in volle vlucht, terwijl wij er met zijn vreten vandoor gaan.
“Haha, kijk die meeuwen knokken om een stukje brood, Jantje.”
“Kijk uit Pap!”
“Wat? Godver … Schijtlijsters!”


Weer één in de serie “vakantie & komkommertijd”. Beestjes voeren met de kleine 🙂
verdedigt
Thx anoniem,! Er was er toch weer een “d” doorheen gesmurfd 🙁
Ik zie het helemaal voor me.
Geweldig.
@Anneke Thx!
Haha, weer eens in de kop van een ander gekropen GJ? 😉
– ‘Het mogen dan familie en vrienden zijn maar…’ > een komma voor maar?
– ‘Als hij niet delen wil jatten we het gewoon’ > een komma na wil?
– Er staat een verdwaalde quote na ‘vandoor gaan.’
Ik woon te zuidoostelijk om zoiets vaak te aanschouwen, maar toch zie ik het meteen voor me. 😉
@Inge Thx & aangepast. Tis komkommertijd dus tijd zat om in de huid van iets anders te kruipen 🙂
@Hay 🙂 Ik woon ook erg zuidoostelijk, toch sterft het hier van de meeuwen (schijtlijsters) die alles en iedereen belagen als ze denken dat er iets te halen is.
Het je al schrijvend verplaatsen in het hoofdpersonage, al is het een schijtlijster, goed gedaan. En dan de observatie van derden. Met plezier gelezen.
@Fons, dank je. Voor de laatste 3 woorden doe ik het 🙂
~Gevleugelde deugniet. Weer met grijns gelezen.