Er staat een dode plant in mijn woonkamer. Hij prijkt sierlijk in een prachtige pot in de vensterbank: al anderhalf jaar spruiten zijn dode sprieten bestoft en bruin geworden slapjes uit de grond. Soms knakt er een dode tak af. Gek genoeg hoop ik nog steeds dat een levend worteltje weer kuit schiet en een nieuwe plant wordt. Vers groen. Waarschijnlijk is alles dood en rot daar diep in het hart van die ficus, en zal het water wat ik hem af en toe ook nog geef niet veel uitmaken. Deze plant koester ik het meest. Ik heb hem al twee keer verhuisd. Het is mijn ijdele hoop, verstopt in een pot die niks dan aarde en rotte wortels bevat.

graag gelezen
@Lijmstok Leuk stuk!
– Hij prijkt sierlijk in een prachtige pot in de vensterbank: al anderhalf jaar spruiten zijn dode sprieten bestoft en bruin geworden slapjes uit de grond.
Is een lange en ook wat onduidelijke zin. Het nut van de dubbele punt ontgaat me. Er volgt geen opsomming o.i.d. Zou je vinden dat de twee zinnen bij elkaar horen, dan zou een puntkomma op zijn plaats zijn. Echter, hier lijkt een punt het meest voor de hand te liggen.
Plant is een vrouwelijk woord, dus een “zij”.
Zoals het er staat, lijkt het erop dat er bestoft en bruin geworden slapjes uit de grond spruiten.
Mooie zinsbouw, literaire zinnen, maar ik,zou ook een nieuwel,plant halen.en een goudvis,ik neem er wel een mee
Dol op vis!
@Ineke bedankt voor je taaltechnische, zinsbouwkundige commentaar.