Het noorderlicht valt in zachte gloed door de opengeslagen schuifpui. Het streelt teder de met alle kleuren van de regenboog bemorste eikenhouten vloer. De muren kreunen onder het gewicht van jarenlange creativiteit. In de verte klinkt gebalk als een tractor toeterend door het dorpje knort.
Achter de schuifpui hangt de uitgebluste kunstenaar in haar oude fauteuil. Haar arm ligt ontspannen op de leuning, in de hand een biertje. Ze staart naar de belachelijk rijkversierde kroonluchter, zo heerlijk lelijk, en laat haar ogen langs de muren dwalen tot haar blik rust op haar laatste creatie op de ezel. Ze kan een rilling niet onderdrukken. Dit werk zal de Ezel Opvang veel aandacht in de media en fikse donaties opleveren.


Ik vind het leuk geschreven, maar eerlijk gezegd begrijp ik de laatste zin niet goed. Bestaat er een opvanghuis voor schildersezels? Of heeft zij misschien met haar laatste krachten een levende ezel geschapen?
Hahaha, geen idee dat mijn stukje zulke vragen op zou roepen. Dank je wel! Wat ik in gedachten had: het is een werk van een mishandelde ezel, gemaakt in opdracht van de Ezel Opvang.