Het was zaterdag.
Om tijd te verliezen liep ik het bos in.
De kleuren van de bladerkronen deden hun best tot mijn bewustzijn door te dringen. Het lukte wel, net, maar vrolijk werd ik er niet van. De stilte van de paddenstoelen werd kort doorbroken door de roepjes van mezen. Ver boven me vloog een v-vorm aan grauwe ganzen naar het gerieflijker zuiden.
De Amerikaans Eik was flink rood en de beuken begonnen het gebladerte los te laten.
“Als het gaat stormen, raken alle takken leeg”, dacht ik in mijn somberte, “Net als wanneer ik straks thuis kom, leeg”.
Machtelt.
Nog veertien dagen voor ze terug zou komen.


Ik zie de scene “Ain’t no sunshine when she’s gone” uit Notting hill voor me.
mooi beschreven stille leegte
Lousjekoesje Marja Wouters, dank.